Search
× Search

1.1.Opleidingsvorm 1

ERVARINGSKLASSEN

  • Voor leerlingen met een matige tot ernstige verstandelijke beperking waarbij de ontwikkeling veel trager verloopt en op een lager niveau blijft.
  • Schooljaar na schooljaar zal het duidelijker worden wat de sterktes en zwaktes zijn van de leerlingen, waar we op in kunnen zetten en wat niet haalbaar is.
  • In eerste instantie ligt het accent op het creëren van basisveiligheid, rust, orde en regelmaat. Er wordt daarnaast veel aandacht besteed aan het opbouwen van een werkhouding (concentratie, doorzetting, ...) en het omgaan met elkaar op een sociaal aanvaardbare manier. Later wordt gewerkt aan zelfstandigheid en krijgen de cognitieve ontwikkeling, begripsvorming, sociale vorming en taakgerichtheid verdere aandacht.
    Bij finaliteitsleerlingen staan dezelfde activiteiten centraal en worden leerlingen voorbereid op de overstap naar een dagcentrum. Er is meer aandacht voor praktische vaardigheden en zelfredzaamheid. Het gaat dan vooral om het uitvoeren en beleven van het geleerde in de praktijk.
  • Geen vooropgestelde duur: afhankelijk van individuele leerling.

 

AUTIKLASSEN

  • Voor leerlingen met ASS of een vergelijkbare problematiek zijn er klassen waar extra aandacht gaat naar structuur en verheldering. Deze extra ondersteuning maakt dat deze leerlingen tot ‘leren en ontwikkelen’ kunnen komen.
  • In de autiklassen geldt een meer individuele aanpak voor wat betreft de wijze waarop geleerd en geoefend wordt (leerstijl) en het leeraanbod (inhoud).
  • Schooljaar na schooljaar zal het duidelijker worden wat de sterktes en zwaktes zijn van de leerlingen, waar we op in kunnen zetten en wat niet haalbaar is.
  • Als dit voor de individuele leerling haalbaar is, kan er doorgestroomd worden naar onze reguliere klassen. Zeker voor de finaliteit is dit wenselijk.
  • Geen vooropgestelde duur: afhankelijk van individuele leerling.

 

OBSERVATIEKLASSEN

  • De eerste jaren in het BuSO worden de leerlingen geobserveerd, geëvalueerd en krijgen ze  de kans om kennis te maken met ons uitgebreide aanbod en hun weg te vinden in het secundair onderwijs.
  • Schooljaar na schooljaar zal het duidelijker worden wat de sterktes en zwaktes zijn van de leerlingen, waar we op in kunnen zetten en wat niet haalbaar is.
  • Naast een uitgebreid vakkenpakket gericht op functionele vaardigheden, wordt er ook veel aandacht besteed aan attitudes en sociale vaardigheden.
  • 2 à 3 schooljaren

DOORSTROOMKLASSEN

  • Wanneer de leerlingen een bepaalde maturiteit en zelfstandigheid verworven hebben, maken ze de overstap naar de doorstroomklassen. Van het strakkere en meer klassikale aanbod van de observatieklassen groeien leerlingen door naar een individueel traject.
    De leerlingen worden klaargestoomd voor een finaliteitsklas.
  • In de mate van het mogelijke verwerven de leerlingen voldoende vaardigheden om te kunnen deelnemen aan het maatschappelijke leven: wonen, werken en vrije tijd.
    Er is bijzondere aandacht voor het verwerven van arbeidsvaardigheden en –attitudes om leerlingen voor te bereiden op stages (= voortraject begeleid werken).
  • De aandacht voor attitudes en sociale vaardigheden blijft, maar we verwachten toch dat leerlingen hier al een hele weg in afgelegd zullen hebben.
  • 2 à 3 schooljaren

FINALITEITSKLASSEN

  • Leerlingen worden functioneel en concreet voorbereid op een leven na de school.
  • Leerlingen zijn sociaal-emotioneel rijp voor een stage en hebben hiervoor ook de nodige vaardigheden geleerd. Stages en SMT worden in de mate van het mogelijke verder uitgebreid en meer geïndividualiseerd.
  • Hoewel leerlingen in meer of mindere mate levenslang begeleiding zullen nodig hebben op alle levensdomeinen proberen we te streven naar de hoogst mogelijke functionaliteit en zelfstandigheid.
  • 2 à 3 schooljaren

 

1.2.Opleidingsvorm 2

OBSERVATIEKLASSEN

  • De eerste jaren in het BuSO wordt de leerling geobserveerd, geëvalueerd en krijgt hij/zij de kans om kennis te maken met ons uitgebreide aanbod en zijn/haar weg te vinden in het secundair onderwijs.
  • Elke leerling blijft minimum 2 schooljaren in OV2. We beschouwen dit echt als een observatieperiode en passen het programma hiertoe aan.
  • Naast een uitgebreid vakkenpakket wordt er ook veel aandacht besteed aan attitudes en sociale vaardigheden.
  • Voor deze klassen wordt een extra lesuur LO en een lesuur Rots en water ingericht.
  • De BGV-vakken worden aangeboden op het niveau van de klasgroep.
  • 1 à 2 schooljaren

ORIENTATIEKLASSEN - in praktijk 1C, 1D, 1E en 1F

  • Na 1 of 2 schooljaren moet het duidelijk worden wat de sterktes en zwaktes van de leerling zijn, waar we op in kunnen zetten en wat niet haalbaar is.
  • Na de observatieklas blijft een leerling nog 1 of 2 jaar in de eerste fase.
  • Zwakkere en sterkere leerlingen: zowel richting beschermde tewerkstelling als richting arbeidszorg.
  • De BGV-vakken worden aangeboden op het niveau van de klasgroep.
  • In bepaalde klassen kan er voor gekozen worden om op een functioneel niveau een vreemde taal aan te leren.
  • Bijzondere aandacht blijft uitgaan naar sociale vaardigheden en attitudes.
  • 1 à 2 schooljaren

DOORSTROOMKLASSEN - in praktijk 2A, 2B en 2C

  • Leerlingen maken de overstap naar de 2de fase. Van het strakkere en meer klassikale aanbod van de 1ste fase groeien ze door naar de individuele transitie in de 2de fase. Worden ze klaargestoomd voor een finaliteitsklas.
  • Leerlingen blijven één tot twee jaar in de doorstroomklassen van de 2de fase.
  • Zwakkere en sterkere leerlingen: zowel richting beschermde tewerkstelling als richting arbeidszorg.
  • Leerlingen krijgen de kans om elk trimester te kiezen voor één BGV-vak van hun keuze.
  • Voor ASV proberen we niveaugroepen te maken.
  • In bepaalde klassen kan er voor gekozen worden om op een functioneel niveau een vreemde taal aan te leren.
  • De aandacht voor attitudes en sociale vaardigheden blijft, maar we verwachten toch dat leerlingen hier al een hele weg in afgelegd zullen hebben.
  • 1 à 2 schooljaren

FINALITEITSKLASSEN – in praktijk 2D, 2E, 2F, 2G

  • Leerlingen worden functioneel en concreet voorbereid op een leven na de school.
    Eén dag per week wordt functioneel doorgebracht in Het Huis, waar leerlingen geleerde vaardigheden in praktijk dienen te brengen.
  • Leerlingen zijn sociaal-emotioneel rijp voor een stage en hebben hiervoor ook de nodige vaardigheden geleerd. Stages worden opgestart.
  • Hoewel leerlingen in beperkte mate levenslang begeleiding zullen nodig hebben op alle levensdomeinen proberen we te streven naar de hoogst mogelijke functionaliteit en zelfstandigheid.
  • We verwachten dat leerlingen voldoende sociaalvaardig zijn en uit zichzelf aandacht hebben voor goede attitudes.
  • Leerlingen krijgen de kans om elk trimester te kiezen voor één BGV-vak van hun keuze.
  • In bepaalde klassen kan er voor gekozen worden om op een functioneel niveau een vreemde taal aan te leren.

 

Wij zijn ook aanwezig op de sociale media. Volg ons op facebook en blijf op de hoogte van de laatste nieuwtjes.

GebruiksovereenkomstPrivacybeleidCopyright 2019 door De Ark Buitengewoon Onderwijs
Back To Top